Wat er moet gebeuren met de 670 kton staalslakken die opgeslagen liggen in een tijdelijk depot in Spijk is nog altijd onduidelijk. Een werkgroep onderzoekt zes oplossingsvarianten met prijskaartjes van circa 20 tot liefst 200 miljoen euro.
Bij de aanleg van golfbaan The Dutch in Spijk in de gemeente West Betuwe is tussen 2017 en 2019 circa 670 kton staalslakken op een verkeerde wijze toegepast. Hierdoor ontstond verontreiniging van bodem en grondwater. Onder een nieuwe directie van de golfclub zijn de slakken op het terrein ondergebracht in een tijdelijk depot. Maar een definitieve oplossing is dat niet. Een werkgroep van alle betrokken overheden (gemeente, provincie, waterschap, omgevingsdienst, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de Inspectie Leefomgeving en Transport) werkt nu onder onafhankelijk voorzitterschap aan een veilige en haalbare oplossing. Uit een brief aan de gemeenteraad van West Betuwe blijkt dat deze werkgroep op dit moment zes oplossingsvarianten onderzoekt.
Bij drie varianten blijven de staalslakken op het terrein van de golfclub. Bij variant 1a worden de slakken volgens het ontwerp van het aannemingsbedrijf op de locatie ingepakt als toepassing van een bouwstof. Kosten 22 tot 24 miljoen euro, doorlooptijd circa 4 jaar. Bij variant 1b worden de slakken op de locatie gestort volgens de regelgeving voor stortplaatsen. Kosten circa 145 miljoen euro, doorlooptijd circa 9 jaar. En bij variant 1c worden de slakken op locatie geïsoleerd en beheerst en benaderd als bodemsanering. Kosten 26 tot 80 miljoen euro, doorlooptijd 1 tot 2 jaar.
De werkgroep ziet echter ook mogelijkheden om de staalslakken af te voeren. Bij variant 2a gebeurt dit naar stortplaatsen in Nederland. Een prijzig oplossing, want de kosten daarvoor worden geraamd op 207 miljoen euro, maar dan kunnen de slakken wel in circa drie jaar het dorp uit zijn. Bij variant 2b wordt gekozen voor het volledig afvoeren van de slakken naar het buitenland, als toepassing of stort. Met 47 tot 65 miljoen euro een stuk goedkoper. En de doorlooptijd is slechts een half jaar, al komt daar nog wel de procedure bovenop voor internationaal afvaltransport (Evoa-procedure). De zesde variant houdt in dat een deel van de slakken op locatie blijft en een deel wordt afgevoerd. Deze variant is nog niet uitgewerkt naar hoeveelheden, kosten en doorlooptijd.
Omwonenden, vertegenwoordigd door Stichting Natuurlijk Schoon Spijk, hebben een duidelijke voorkeur voor een oplossing. Zij prefereren afvoer uit het dorp. Hun mening doet er toe, omdat de Tweede Kamer eind 2025 de motie Beckerman aannam, die de regering verzoekt om samen met de gemeente West Betuwe en omwonenden een plan van aanpak te maken voor een oplossing voor de slakken. De werkgroep heeft echter nog geen voorkeursvariant uitgesproken, omdat er nog diverse onderzoeken lopen.
De landelijke Advieskamer Bodembescherming heeft ondertussen het ontwerp van de initiatiefnemer voor variant 1a beoordeeld en aangegeven dat de variant nog onvoldoende is uitgewerkt om een uitspraak te doen over de beheersing van de risico’s. Met name de risico’s van zettingen in de bodem worden onvoldoende beheerst. De betrokken overheden beraden zich nog op de consequenties hiervan voor de variantenanalyse.
Hoe de kosten voor de varianten uiteindelijk neerslaan bij verschillende betrokkenen is ook nog onduidelijk. In de brief aan haar gemeenteraad wijst het college van West Betuwe er echter wel op dat de kosten primair niet bij de gemeente liggen, maar bij het aannemingsbedrijf. Dat bedrijf is ook al door het Openbaar Ministerie (OM) gedagvaard voor het op onjuiste wijze toepassen van de staalslakken en moet zich voor de rechter verantwoorden voor haar handelen.
De golfclub kwam afgelopen voorjaar een transactie overeen met het OM in het strafrechtelijk onderzoek naar het onjuist toepassen van de staalslakken. De golfclub mocht er aanvankelijk op vertrouwen dat het aannemingsbedrijf de staalslakken op de juiste wijze zou toepassen. Maar toen begin 2019 bleek dat dat niet was gebeurd met een gevaarlijke situatie als gevolg, bleef de club te lang op haar handen zitten. Uiteindelijk trad er echter een nieuwe directie aan en werden er wel maatregelen getroffen. Zo is onder andere de oppervlakte, waarover de staalslakken op het terrein verspreid waren, teruggebracht van 35 naar 6,5 hectare. Gelet hierop koos het OM voor een buitengerechtelijke afdoening. Met de golfclub is een transactie overeengekomen in de vorm van de betaling van een geldsom van 8.000 euro. De club heeft zelf gerechtelijke stappen ondernomen jegens haar voormalige directie en jegens het aannemingsbedrijf.
In oktober is een bestuurlijk overleg met de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat voorzien, met een voorbereidend overleg van de decentrale bestuurders, gericht op een richtinggevend besluit. Daarna wordt de gekozen richting uitgewerkt. Uitgangspunt blijft daarbij dat het aannemingsbedrijf verantwoordelijk is voor plan en uitvoering, de overheden toetsen en monitoren. De gemeenteraad van West Betuwe wordt na het bestuurlijk overleg opnieuw bijgepraat over de stand van zaken.